Het elektriciteitsnet wordt door de energiebedrijven voorzien van stroom, hetgeen weergeven kan worden middels een volledige, strakke ‘ sinusvorm’ . Momenteel heeft deze aanwezige sinusvorm een grillig karakter. Oorzaak: de moderne stroomverbruikers. (computers, spaarlampen, traploos regelbare elektrische machines, Power Line Communication etc.) De elektronica van de moderne energiezuinige apparatuur voedt zich middels 'schakelende voedingen'. Dat houdt in dat het elektrisch apparaat zelf de benodigde energie uit het net betrekt. Dit ‘plukken’ van kleine pakketjes energie doet de geschakelde voeding duizenden keren per seconde. Door dit ‘ plukken’ ontstaan elektrische en magnetische pulsen op de elektrabekabeling, zowel de fase (het plukken uit de aanwezige voeding) als mede restant pulseringen op de nuldraad . De frequenties van deze pulsen variëren van ongeveer 1 kHz tot 1MHz, met ‘ vermogens’ in orde van (milli)volt. Deze pulsen zijn meetbaar in de bekabeling en stralen van de bekabeling en aangesloten apparatuur af! De draaggolf van 50 Hz wordt dan mede voorzien van een gemoduleerde gepulste informatiegolf!
Russische onderzoekers hebben aangetoond dat vanaf een frequentie van 1,7 kHz de potentiaalverschillen zich over het zenuwsysteem voortplanten. Het zenuwsysteem werkt van zichzelf middels frequenties van 1 kHz tot en met circa 100-150 kHz. Hierbij maakt het zenuwsysteem gebruik van ‘ eigen’ potentiaalverschillen in de orde van millivolt en microvolt. De signalen van ‘ vuile stroom’ lijken op de ‘ eigen biologische informatie’ van het zenuwsysteem. Gevolg is dat het lichaam zich in zulke omgevingen constant dient te herstellen, en dat er de mogelijkheid bestaat dat op bepaalde momenten verkeerde informatie in het lichaam wordt uitgewisseld.
De informatie voor het zenuwsysteem bestaat uit het potentiaalverschil = voltage, de frequentie, de stijgsnelheid van het potentiaalverschil en de tijdsduur

